Mijn ogen dwalen door het donker,
mijn handen gebald uit angst.
Ik probeer onopvallend hard te lopen,
kraaien krijsen boven mij.
Bladeren maken angstaanjagende geluiden,
zelfs de schaduw van een bloem maakt me bang.
Want in de nacht,
daar zijn de wolven.
De wolven met hun klaaggezang.
Wednesday, April 9, 2008
Leven in memoriam
Jij was het die mijn hart liet kloppen,
wel duizend keer zo snel.
Jij was het die mij verwarmde,
en me tegelijkertijd besmeerde met kippevel.
Jij was het die alles kon maken,
alleen het goede zag ik in jou.
Jij was het die mijn vertrouwen won,
me altijd weer verblijden zou.
Jij was het die veranderde,
niet ik, zoals je zei.
Jij was het die veranderde,
opeens draaide het bij jou niet meer om mij.
Jij was het die mij liet stikken,
mij al mijn adem ontnam.
Jij was het die mij vermoorde,
mij liet leven in memoriam.
wel duizend keer zo snel.
Jij was het die mij verwarmde,
en me tegelijkertijd besmeerde met kippevel.
Jij was het die alles kon maken,
alleen het goede zag ik in jou.
Jij was het die mijn vertrouwen won,
me altijd weer verblijden zou.
Jij was het die veranderde,
niet ik, zoals je zei.
Jij was het die veranderde,
opeens draaide het bij jou niet meer om mij.
Jij was het die mij liet stikken,
mij al mijn adem ontnam.
Jij was het die mij vermoorde,
mij liet leven in memoriam.
De allerbeste keuze
zachtjes geef je me een kusje,
op het puntje van mijn neus,
kijkt me in mijn ogen,
de allerbeste keus.
Je neemt me in je armen,
zo lang als het nog kan,
je zegt dat je me gaat missen,
en dan,
de deuren sluiten,
de tijd is weer voorbij,
je rijdt zachtjes weg,
steeds verder weg van mij.
Maar in gedachten geef je me een kusje,
op het puntje van mijn neus,
kijkt me in mijn ogen,
de allerbeste keuze.
op het puntje van mijn neus,
kijkt me in mijn ogen,
de allerbeste keus.
Je neemt me in je armen,
zo lang als het nog kan,
je zegt dat je me gaat missen,
en dan,
de deuren sluiten,
de tijd is weer voorbij,
je rijdt zachtjes weg,
steeds verder weg van mij.
Maar in gedachten geef je me een kusje,
op het puntje van mijn neus,
kijkt me in mijn ogen,
de allerbeste keuze.
Zou ik je herkennen?
Zou ik je herkennen,
als je zomaar langs zou lopen?
Zou ik je herkennen,
bij het horen van je stem?
Zou ik je herkennen,
Ja, dat mag ik hopen!
Zou ik je herkennen,
terwijl ik je nooit echt heb gekend?
Zou ik je herkennen,
en je zomaar roepen?
Zou ik je herkennen,
en vertellen wie ik ben?
Zou je mij herkennen,
als ik op je af zou lopen?
Zou je me vertellen,
wie je werkelijk bent?
Zouden wij elkaar herkennen,
Als we elkaar tegen zouden komen?
Zouden wij elkaar herkennen,
op een onverwacht moment?
Zou ik je herkennen,
Ik denk dat ik je gezien heb!
Zou jij mij herkennen,
en weten wie ik ben?
als je zomaar langs zou lopen?
Zou ik je herkennen,
bij het horen van je stem?
Zou ik je herkennen,
Ja, dat mag ik hopen!
Zou ik je herkennen,
terwijl ik je nooit echt heb gekend?
Zou ik je herkennen,
en je zomaar roepen?
Zou ik je herkennen,
en vertellen wie ik ben?
Zou je mij herkennen,
als ik op je af zou lopen?
Zou je me vertellen,
wie je werkelijk bent?
Zouden wij elkaar herkennen,
Als we elkaar tegen zouden komen?
Zouden wij elkaar herkennen,
op een onverwacht moment?
Zou ik je herkennen,
Ik denk dat ik je gezien heb!
Zou jij mij herkennen,
en weten wie ik ben?
Subscribe to:
Posts (Atom)